Gebiedsontwikkeling in de nieuwe werkelijkheid

Onderzoek in opdracht van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties

1e druk | ISBN 978-94-6315-034-7 | NUR 823 | 2018 | 39 pagina's

Samenvatting

Er zijn veel discussies gaande over de toekomst van gebiedsontwikkeling, onder meer over de verhouding tussen publieke en private partijen. Deze zijn echter vaak sterk normatief van aard (zoals de pleidooien voor nieuwe verdienmodellen en voor organische gebiedsontwikkeling) en worden ‘slechts’ gevoed door kwalitatieve empirische informatie en anekdotes. Grootschalig, recent kwantitatief onderzoek, in verbinding met een kwalitatieve analyse, is in het veld van de gebiedsontwikkeling maar zeer beperkt voorhanden. 

Dit onderzoek, dat betrekking heeft op de verdeling van het grondexploitatierisico tussen publieke en private partijen bij woningbouwprojecten na 2010, beoogt dit hiaat op te vullen. Daarin wordt onderzocht in hoeverre, mede door de komst van de Wro (in het bijzonder de Afdeling grondexploitatie) en sinds het begin van de vastgoedcrisis in 2008, de verhouding publiek-privaat gewijzigd is ten opzichte van de eerste Vinex-fase (1994-2005). 

Inhoudsopgave

prof. dr. ir. (Arjan) A.G. Bregman

Hoogleraar bouwrecht Rijksuniversiteit Groningen en verbonden aan het Instituut voor Bouwrecht en aan de ASRE

mr. J.J. (Jacco) Karens

Wetenschappelijk medewerker Instituut voor Bouwrecht

prof. dr. E. (Edwin) Buitelaar

Senior wetenschappelijk onderzoeker Programmaleider Ruimtelijke Ontwikkeling Sector Ruimtelijke Ordening en Leefomgevingskwaliteit Planbureau voor de Leefomgeving

prof. em. mr. F. (Friso) de Zeeuw

Zal niet getoond worden.